In Berlijn is alles anders | Dwars door de collectie

6 december 2017

Heel voorzichtig hebben we vorige week de onderdelen van het kwetsbare model van de Tempelberg /Haram al-Sharîf schoongemaakt en ingepakt voor de verhuizing naar Berlijn. In het Joods Museum in Berlijn is alles op 29 november weer uitgepakt en opgebouwd. In een prachtige witte zaal staat ons model nu te schitteren als topstuk in de tentoonstelling Welcome to Jerusalem. Als je de omgeving van een object verandert en het laat figureren in een ander verhaal, ga je als vanzelf met andere ogen kijken en met andere oren luisteren naar je oude vertrouwde museumstuk. In de tentoonstelling in Berlijn krijgen de islamitische heiligdommen op de Haram al-Sharîf, nu de meeste aandacht. En die zijn zowel van binnen als van buiten zeer gedetailleerd en geheel volgens zijn eigen waarnemingen en metingen nagemaakt door Conrad Schick (1822-1901). Wat is er zo bijzonder aan deze gebouwen die alleen voor moslims toegankelijk zijn?

Het mooiste gebouw

Volgens Conrad Schick was de Rotskoepel het mooiste en meest imposante gebouw  in de wijde omgeving van Jeruzalem. De Rotskoepel is een islamitische gedenkplaats die door kalief Abd al-Malik tussen 688 en 692 na Chr. werd gebouwd op de plaats waar voorheen de Joodse tempel stond. Deze werd in 70 na Chr. door de Romeinen verwoest.

De achthoekige Rotskoepel heeft een doorsnede van 55 meter en is 30 meter hoog. De enorme koepel heeft een doorsnede van ruim 20 meter en is net zo groot als de koepel van de Heilig Grafkerk die een paar honderd meter verderop staat. De buitenkant is bekleed met kleurige majolicategels. Op de bovenste rand staan verzen uit de Koran.

Ten zuiden van de Rotskoepel staat de Al-Aqsa (de verste) moskee. Deze werd gebouwd in 712 en heeft de vorm van een Byzantijnse basiliek. Het is de grootste moskee van Jeruzalem met vier omringende minaretten en plaats voor 5.000 gelovigen.

Derde heilige plaats

Waarom is Jeruzalem een heilige plaats voor moslims en gaan zij uit alle delen van de wereld niet alleen op bedevaart naar Mekka en Medina, maar ook naar Jeruzalem? De Hadith, dat is de islamitische profetische traditie, bevat de vertellingen over het leven van de profeet Mohammed. Over heilige plaatsen zegt de Hadith: ‘Gij zult slechts op weg gaan naar drie moskeeën: de Heilige Moskee, Mijn Moskee en de al-Aqsamoskee’. In volgorde van belangrijkheid worden hier de moskeeën in Mekka, Medina en Jeruzalem mee bedoeld.

Voor dat Jeruzalem in de 7de eeuw na Chr. werd veroverd door de islamitische Ommajjiden hebben vooral de Romeinen en de christelijke Byzantijnen het aanzien van de stad ingrijpend veranderd. Overal zijn hun sporen te vinden. Wat maakte in deze historische ‘kakofonie’ Jeruzalem zó belangrijk voor de islam dat het de derde heilige plaats werd?

Installatie van het model van de Tempelberg /Haram al-Sharîf in het Joods Museum in Berlijn. Woensdag 29 november 2017. Foto's Hermine Pool.

De nachtelijke reis

Het antwoord op deze vraag staat in de Koran, het heilige boek van moslims. In Soera 17 staat beschreven hoe Mohammed een nachtelijke reis maakt van al-Masdjid al-Haram (het Gewijde Bedehuis) naar al-Masdjid al-Aqsa (het Verste Bedehuis). Volgens de meest gevolgde uitleg van Koran-exegeten is deze ‘verste plaats’ gelegen in Jeruzalem. De Profeet Mohammed reisde hier naartoe op al Buraq, een fabelachtig wezen met het gezicht van een vrouw. Al Buraq brengt de Profeet naar Jeruzalem, naar de heilige rots op het plein waar tot 70 na Chr. de Joodse tempel stond. Vanaf de Sachra, de heilige rots, maakt Mohammed vervolgens een reis naar de hemel, waar hij onder andere Abraham, Mozes en Jezus ontmoet. Als aandenken aan deze bijzondere gebeurtenis werd de Rotskoepel gebouwd.

Het geluk van de conservator

Als conservator heb ik het geluk dat ik (af en toe) kunst mag aanraken en dat ik in alle hoekjes en gaatjes mag kijken. Mijn bewondering voor de precisie en het artistieke vakmanschap waarmee Conrad Schick deze heilige plaats in Jeruzalem heeft weergegeven in een driedimensionaal model is de afgelopen dagen nog meer toegenomen. Alle wetenschappelijke inzichten van zijn tijd heeft hij erin verwerkt. De stallen van Salomo of beter gezegd de voorraadkamers uit de tijd van de Tempel van Herodes, het gangenstelsel onder de Aqsamoskee, ooit een toegangspoort waar Jezus en vele anderen het Tempelplein betraden, de vele waterbassins en gangen met zuilen, alles is terug te vinden onder de oppervlakte van het model. Ook de binnenkant van de gebouwen en de onderaardse delen zijn minutieus en levensecht beschilderd. En wat de bezoekers in het museum nooit te zien krijgen: onderin de Rotskoepel ligt de heilige rots. Uiteraard vervaardigd van steen afkomstig van de echte Haram al-Scharîf, want zo waarheidsgetrouw wilde Schick te werk gaan.

Een zwarte of een gouden koepel?

Op de Tempelberg/Haram al-Sharîf is sinds de 19de eeuw weinig veranderd, op twee in het oog springende dingen na: de bomen en de koepel. De bomen zijn gegroeid en prachtig groot geworden omdat de watervoorziening nu veel beter is dan in de 19de eeuw. De koepel was in de tijd van Conrad Schick zwart. Pas in 1963 werd de Rotskoepel bekleed met vergulde aluminiumplaten. Op 19de eeuwse foto’s is dat te zien en ook op de modellen van Schick die nu in Jeruzalem in het museum van Christ Church staan. Waarom heeft ons model dan wel een gouden koepel? Omdat een van mijn voorgangers waarschijnlijk vond dat het voor hedendaagse bezoekers meer herkenning geeft als de beelden op televisie corresponderen met het model in het Bijbels Museum.

Interieur van het model van de Rotskoepel met onderin de heilige rots.Conrad Schick, Jeruzalem 1879. Foto Hermine Pool.

De navel der aarde

De aantrekkingskracht van het model van de Tempelberg/Haram al-Sharîf is zonder twijfel gelegen in het feit dat de Aqsamoskee en de Rotskoepel met daaronder de Sachra (heilige rots) alleen voor moslims toegankelijk zijn. Een plaats die als heilig wordt beschouwd en niet door iedereen mag worden bezocht, heeft uiteraard aantrekkingskracht. In 1994 was de politieke situatie in Jeruzalem ontspannen. Het vredesproces tussen de Israëlische minister-president Yitzhak Rabin en de Palestijnse leider Yasser Arafat leek hoopvol. Zonder belemmeringen kon ik toen ronddwalen op de Tempelberg/Haram al-Sharîf en de Aqsamoskee en de Rotskoepel uitgebreid bezoeken. De meest intrigerende plaats vond ik de kleine ruimte onder de Sachra. Daar wordt in de Joodse en christelijke traditie het ontstaan van de wereld gelokaliseerd. De navel van de aarde bevindt zich dus in Jeruzalem.

In de volgende blog onderzoeken we deze mysterieuze ruimte en de betekenis ervan in Jodendom en christendom.

meld u aan voor de nieuwsbrief